HOTEL HEDEN
participatieve long-durational slaapvoorstelling
in opdracht van MoMo Festival
@ Remkool Haas’ De Rotterdam
2014
HOTEL HEDEN || participatieve slaapvoorstelling || MoMo Festival || 2014
‘Grote stad, grote eenzaamheid’, Erasmus.
“Magna civitas magna solitudo” of te wel “Grote stad, grote eenzaamheid’, sprak onze Vader des Vaderstads de humanist en filosoof (Desiderius) Erasmus. Hoe groter de stad, hoe groter de anonimiteit. Een vreemde contradictie, want hoe meer mensen hoe groter de kans om door iemand opgemerkt te worden, toch?
Volgens conceptueel kunstenaar en theatermaker Yvonne Beelen biedt dit voor ons menselijk welbevinden juist enorme mogelijkheden. De interactieve slaapvoorstelling Hotel Heden doorbreekt de anonimiteit en staat garant voor een hyper persoonlijke benadering en ‘a room with a view’.
‘In het nu is er enkel oog voor jou’.
Hotel Heden is een participatieve long-durational slaapvoorstelling van beeldend kunstenaar en theatermaker Yvonne Beelen. De discipline heeft Yvonne participatieve long-durational slaapvoorstelling genoemd, omdat het een lange tijd duurt vanaf het moment van inchecken op je slaapplek tot uitchecken de volgende ochtend. In deze tijdspanne vindt de voorstelling plaats, maar wanneer en waar is voor de bezoeker niet bekend. Het is een slaapvoorstelling omdat het publiek er daadwerkelijk de nacht in doorbrengt. En het is participatief omdat het publiek proefpersoon is voor een onderzoeksvraag naar een elementair onderdeel van ons dagelijkse leven dat we tweaken ten einde de bevordering van menselijk geluk.
Beelen was al eerder te gast bij Motel Mozaïque en brengt steeds weer verrassend, vervreemdend en toch ook telkens ontwapenend locatietheater. Eerdere slaapvoorstellingen in ‘het motel’ waren Zzzt… (2013), de MOMOdrOOMM (2011) en Slaap zzZacht (2010), waarbij je je o.a. overgaf aan was- en scheerkunsten, wandelende suikerspinnen en slaapkamerintimiteiten met wildvreemden.
WAT MAAKT HET PUBLIEK MEE?
NB. Dit is een teaser voor pers om ze enthousiast te maken voor het schrijven van een recencie, NIET om als zodanig vooraf te publiceren, want wat er gaat gebeuren is voor de slapers een verrassing!
Je komt naar Motel Mozaïque en bent in het fortuinlijke bezit van een slaapkaartje voor het slaapproject ‘Slapen in Architectuur’. Je hebt een mail gehad met twee aardige meiden dat je met dit slaapkaartje tevens onderdeel bent van een zogenaamde slaapvoorstelling. ‘Hotel Heden’ heet het. Je ben benieuwd!
Je komt aan op het Schouwburgplein, dat speciaal voor de gelegenheid is omgedoopt tot Plaza Mozaïque. Je heb je festivalbandje opgehaald en loopt met je koffer naar de incheckbalie van het slaapproject. Al van verre hoor je iemand naar je roepen: “Derrick! Derrick! Leuk dat je er bent. We verwachtten je al.” Enigszins verbaasd, maar zeker ook aangenaam verrast door deze persoonlijke begroeting sta je jouw bagage aan haar af en check je bij haar in in het ‘Hotel Heden’. Met een knipoog voegt ze er cryptisch aan toe: “Fijn dat je er precies nu bent, want in het heden is er enkel oog voor jou” .
Na deze über-vriendelijke begroeting duik je het festival in. In de tent op het plein heb je een plekje weten te bemachtigen vooraan bij je favoriete bandje. In de hoek van de zaal zwaait er iemand in jouw richting. Je kijkt om je heen, maar ziet niemand de groet beantwoorden. Hij zwaait nog eens, nu uitdrukkelijker. ‘Ik?’, gebaar je terug. ‘Hey, Derrick! Tof, he?!!!’, schreeuwt hij tussen twee nummers door. Na afloop aan de bar wordt je weer aangesproken. Nu door een stelletje. ‘Soooo, Derrick, jij had een goeie plek zeg! Wat vond je er van?’. En buiten bij de fiets op weg naar Bird een heel groepje vrienden die voorbij fietst: ‘Hey, daar heb je Derrick, hoi Derrick!’. Al deze ontmoetingen bevreemden je, want wie zijn die mensen? En hoe weten ze je naam? Maar het voelt ook wel prettig, want het is nu net alsof je overal vrienden heb!
Je hebt een geweldige avond en nacht en dan is het tijd om je bed op te zoeken. Op je fijne Motel Mozaique fiets heb je vanaf de Erasmusbrug een betoverend uitzicht op je slaapplek voor de nacht: De Rotterdam. Bij de balie wacht je wederom een ultra persoonlijke begroeting en inmiddels voelt dit al helemaal vertrouwd. Als een celebrity laat je je naar je kamer wijzen, want je bagage is al voor je naar boven gebracht.
Op het bed vind je een spannend pakketje: het is een verrekijker met een briefje eraan. Je blijkt een date te hebben voor morgenvroeg, met deze verrekijker voor het raam. Nog meer verrassingen dus… Vol verwachting val je op het kloppen van je hart in slaap.
De telefoon gaat. Het is al ochtend. Je hebt overheerlijk geslapen in het megazachte bed. Je neemt op. Het is je wake up call, maar ook nu weer die hyper persoonlijke benadering die je met een glimlach uit bed doet stappen.: ‘Oja, zo meteen een date met de verrekijker voor het raam!’
Precies op de afgesproken tijd sta je met een espressootje in de hand voor het glas en staar je de verte in. Wat een uitzicht zo hoog boven de stad. De mensen in de straat zijn miniatuurtjes als in een poppenhuis of treinbaan. Aan de voet van De Rotterdam lopen voorbijgangers op en aan en in een grasveldje verderop zijn werkmannen met hout in de weer. Op een dak loopt iemand met een gieter. Planten water te geven in een regenpak? Maar het regent helemaal niet… Aan de overkant van de maas is een groepje in de weer met iets wits. De verrekijker geeft verduidelijking: het zijn meisjes in witte nachtponnen. Maar wat doen ze? Was ophangen bij de bushalte?
En dan zie je het: aan de kade van De Rotterdam staat een giga trampoline: iemand springt, maakt een salto en houdt een kartonnen bord in de lucht: ‘Roosmarijn”. Een tweede persoon springt en toont: ‘Sabastiaan’. ‘Verhip! Het zijn namen!’ Overal waar je kijken kunt, in het uitzicht vanuit je hotelraam, zie je namen verschijnen: de nachtponmeisjes vormen met lakens de naam ‘Marieke’, de werkmannen met het hout ‘Peter’ en het water uit de gieter schrijft ‘Sander’ op het zwarte asfalt van het dak. Letters op een vlaggetjesslinger aan balkonnetjes, vellen met letters achter het raam, een giga flipover aan de railing van de brug, iemand met een vlag op de fiets, een naam op ballonnen door de lucht, zelfs de watertaxi draagt een naam…
En dan zie je het: de ogenschijnlijk achteloze voorbijgangers hebben een groepje gevormd en liggen op de grond. Samen vormen ze ook een naam. Mijn naam. ‘Derrick’. Wat lieflijk en ontroerend! Spontaan zwaai ik naar hen, maar ze kunnen me niet zien door de reflectie in het glas. Hoe iets van zo’n afstand zo dichtbij komen kan… Inderdaad, inmiddels kun je het helemaal beamen: ‘In het heden is er inderdaad enkel oog voor mij.’




